Morgenster, boksbaard

Bloementaal
Morgenster, boksbaard

De Morgenster bloeit alleen in de morgen, om twaalf uur sluit de bloem weer. Daar komt de naam van de plant vandaan. Er is ook een andere naam, de bokbaard, omdat het grijze vruchtpluis doet denken aan het sikje van de oude St. Joseph.

De bloemen zijn geel, maar ook wel paars. De bloem lijkt op de paardenbloem, zijn doorsnee is echter wel vier tot vijf centimeter en de pluizenbollen zijn ook een stuk groter. Het echte verschil zit in het blad: de bladeren liggen niet in een rozet op de grond, maar ze zitten aan vertakte stengels. De heldergroene of grijsgroene bloemen lijken een beetje op gras: smal, lang en gebogen.

In deel 5 van de Flora Batava (1828) staat over de morgenster: “De Wortels kunnen als Schorsoneren en Suikerwortels gebruikt worden, en leveren voor den mensch een zeer eetbaar, nuttig en aangenaam voedsel op, gelijk zij in Engeland en Duitschland voorheen genuttigd werden: zelfs schijnt het volgens Ehrhart, aangehaald bij Gattenhoff, dat met dezen Wortel voornamelijk het leger onderhouden werd van Julius Caesar, toen hetzelve door Pompejus was ingesloten.”

Een middeleeuwse knots met ijzeren punten lijkt sprekend op de bloem en werd daarom ook wel ‘morgenster’ genoemd.
 

terug